'Wees niet te bang
om innovaties te delen'

 
Onder het thema Industry 4.0 staat het Technisch Weekblad van februari 2021 stil bij baanbrekende innovaties in de techniek. In onze bijdrage aan deze oplage (pagina 12) stellen wij dat écht grote stappen in de Nederlandse technische sector, alleen gezet kunnen worden door anders en meer te gaan samenwerken met partners in engineering.

TT-Engineering zet zich in voor technologische ontwikkeling door het goed inzetten van technisch potentieel. Het werktuigbouwkundig ingenieursbureau is werkzaam op het gebied van machinebouw in branches zoals automotive, luchtvaart en de levensmiddelenindustrie. Wat betreft Industry 4.0 heeft dit bedrijf een belangrijke drijfveer: het ondersteunen van een optimale inzet van ingenieurs en samenwerking tussen de verschillende sectoren.

‘Ook wij hebben uiteraard gemerkt dat er de laatste jaren schaarste is aan ervaren, goed opgeleide technici. En aan die schaarste willen we iets doen. Voornamelijk om onbenutte potentie te voorkomen’, stelt Arco Guis, Algemeen Directeur van TT-Engineering. Groei- en economische cycli zijn niet voor ieder bedrijf of sector gelijk. De tendens is echter dat wanneer er een dal is in de hoeveelheid werk, bedrijven angstvallig mensen vasthouden die ze op dat moment niet nodig hebben. Guis: ‘Ze wachten op de volgende piek die komt, terwijl er ergens anders technici tekort zijn. Dat bedoel ik met onbenutte potentie. Wij pleiten daarom voor een flexibele schil in iedere projectorganisatie. Zo kun je meebewegen met de economische flow die er is én wordt tegelijkertijd technische expertise zoveel mogelijk benut. Die flexibele schil vullen wij graag in.’

Naast het meebewegen met de flow zijn er volgens Guis nog meer voordelen. De belangrijkste daarvan zijn kruisbestuiving tussen industrieën en kennis delen tussen verschillende markten. ‘Onze ingenieurs keren regelmatig terug bij eenzelfde opdrachtgever. We horen dan vaak van hen dat er in een aantal jaar weinig veranderd is qua werk- en denkwijze. Technici die al lang op eenzelfde plek zitten, lopen het gevaar om bedrijfsblind te raken: ze komen in een tunnelvisie terecht met betrekking tot zaken die spelen in hun bedrijf. Daardoor stagneert ontwikkeling; nét datgene wat we graag willen bereiken. Doordat onze medewerkers in de tussentijd op andere plekken werken, maken ze een steilere leercurve door en komen ze met frisse ideeën, bijvoorbeeld uit andere branches, die van toegevoegde waarde zijn.’

‘Kennis delen, is vermenigvuldigen.’

Expertise flexibel inzetten

Volgens Guis is dit te herleiden tot een markt die in zijn ogen vrij traditioneel is. Zeker wanneer het gaat om kennisontwikkeling. De meeste bedrijven willen kennis in eigen huis ontwikkelen. ‘Wij zijn ervan overtuigd dat kennis delen, vermenigvuldigen is. Samen kunnen we veel grotere stappen in innovatie en ontwikkeling zetten. En dit zien wij ook branche overstijgend: zo kunnen zelfs de levensmiddelenindustrie en luchtvaartindustrie van elkaar leren.’ Het lijkt veel gevraagd van een traditionele markt om met nieuwe dynamiek, openheid en bereidheid te gaan samenwerken. Tegelijkertijd is dat wel de meerwaarde die Guis ziet, omdat zijn medewerkers projectmatig in veel verschillende branches en bij verschillende opdrachtgevers werken. ‘Wij winnen door elk project weer veel nieuwe kennis in en die delen we ook weer uit op nieuwe projecten. Zo ontstaat een stukje kruisbestuiving.’

Om dit te kunnen bereiken, moeten bedrijven samen bereid zijn om expertise flexibel in te zetten: kennis op het juiste moment bij het juiste project inzetten, zodat de industrie grote stappen kan maken. Zo is TT-Engineering eind vorig jaar gestart met een project op het gebied van 3D-printen, samen met een aantal opdrachtgevers en het Fraunhofer Project Center. Guis: ’Er bestaan binnen Additive Manufacturing veel verschillende ontwerp- en procesmethodes. Samen ontwikkelen we daarom modellen die laten zien hoe bepaalde technologieën voor Additive Manufacturing het ontwerpen en smart produceren van geprinte onderdelen efficiënter maken. Deze modellen kunnen wij vervolgens bij onze partners in hun productieproces integreren. Kennisoverdracht speelt hierbij een centrale rol.’ De planning is om het project in het tweede semester van dit jaar af te ronden.

Nieuwe technieken integreren

In een ander project ontwikkelt Advanced Mechanical Engineers – sinds vorig jaar onderdeel van TT-Engineering – voor een opdrachtgever een productvariant waarbij nieuwe technieken geïntegreerd worden in het chassis van een compact voertuig. ‘Er zitten flinke conflicterende randvoorwaarden in het eisen- en wensenpakket van dit project. Die kunnen we alleen oplossen door samen te werken met zowel onze opdrachtgever als de ontwikkelaar van het voertuig’, aldus Guis. ‘Vanwege de geheimhoudingsverklaring voor dit project kan ik helaas geen details noemen, maar één van de oplossingsrichtingen zit in de toepassing van alternatieve materialen en productietechnieken.’

Patenten en R&D

Bij meer openheid voor samenwerking en kennisdeling komt onherroepelijk de vraag naar boven wat dit betekent voor patenten en R&D. TT-Engineering ondervindt van sommige opdrachtgevers op dit gebied weerstand. ’Met deze opdrachtgevers gaan we in gesprek. We vertellen ons verhaal en proberen ze te overtuigen van de voordelen’, licht Guis toe. ‘Toen er in 2018 en 2019 meer schaarste was op de arbeidsmarkt, was er minder oog voor het delen van kennis. Maar het afgelopen jaar heeft ons met de neus op de feiten gedrukt: er komt altijd een moment waarop we flexibel moeten zijn.’

Wat betreft de R&D ziet Guis een tweedeling. Ten eerste zijn er opdrachtgevers die de R&D altijd zelf willen blijven doen, omdat kennisontwikkeling de kern van hun bedrijf is. ‘Dat bestrijd ik. Ik denk dat je ook daar kennis van buitenaf kunt inbrengen als katalysator’, stelt Guis. ‘Juist ook dan heb je een frisse blik nodig van buitenaf, anders blijf je in je eigen bubbel beperkte kennis ontwikkelen. Technici uit andere sectoren kunnen dan belangrijk zijn om grotere stappen vooruit te maken.’ Maar Guis ziet ook opdrachtgevers die het tegenovergestelde doen. Ze werken hun opdrachten voor hun eigen klanten zoveel mogelijk zelf af, maar op het moment dat er R&D voor nodig is, zoeken ze hulp van buiten. ‘Dat vinden wij een positieve insteek en dit zijn de partners in engineering waarmee wij graag samenwerken.’

Het intellectuele eigendom blijft altijd van de opdrachtgever. Deze hoeft zich dan ook geen zorgen te maken om concurrentie. Het gebeurt wel steeds vaker dat opdrachtgevers TT-Engineering toestaan om de door hun ontwikkelde technologie in te brengen in een totaal andere industrie, omdat er dan vrijwel nooit sprake is van concurrentiebeding. Dit zou volgens Guis daarom nog meer mogen, maar hij merkt alsnog veel voorzichtigheid. ‘Ik snap dat uiteraard ook. Toch merken we vaak dat, op het moment dat we kunnen overtuigen dat er geen concurrentiebeding is, opdrachtgevers er alsnog voor open staan. Het komt daarbij altijd neer op dezelfde boodschap: op het moment dat we allemaal behouden zijn, kunnen we als land geen grote stappen maken.’

‘Wees daarom niet te bang om innovaties te delen.’
‘Wanneer je als eerste met iets nieuws komt, heb je nog steeds een voorsprong. Als jij zelf de eerste stap durft te zetten om kennis te delen, zal je worden verrast door wat anderen met jou willen delen.’
Lees hier het artikel in het Technisch Weekblad